Uitspraak
16.3429 WWAJ
26 april 2016, 15/4650 (aangevallen uitspraak)
OVERWEGINGEN
4 dagdelen dagbesteding per week.
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontvangt sinds 2012 een Wajong-uitkering en beschikt over een persoonsgebonden budget (pgb) van circa €4.000 per maand voor individuele zorg, verzorging en dagbesteding. Zij verzocht om verhoging van haar uitkering op grond van artikel 2:51 Wajong Pro wegens hulpbehoevendheid.
Het UWV wees dit verzoek af omdat het pgb reeds in belangrijke mate voorziet in de behoefte aan oppassing en verzorging. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
De Raad overwoog dat de ongedekte kosten van appellante betrekking hadden op begeleiding, vervoer en administratie, welke niet onder de essentiële levensverrichtingen vallen waarvoor de uitkering kan worden verhoogd. De hulpbehoevendheid van appellante bij wassen en aankleden wordt door het pgb afdoende gedekt.
Daarom is het verzoek tot verhoging van de uitkering terecht afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De aanvraag tot verhoging van de Wajong-uitkering wordt afgewezen omdat het pgb reeds in belangrijke mate voorziet in de behoefte aan oppassing en verzorging.