ECLI:NL:CRVB:2018:4255
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek bevestigd
Appellante was werkzaam als pedagogisch medewerker en meldde zich ziek met psychische klachten. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat zij meer dan 65% van haar maatmaninkomen kon verdienen met andere functies, waarna de Ziektewetuitkering werd beëindigd. Appellante maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de geselecteerde functies medisch geschikt waren voor appellante. In hoger beroep handhaafde appellante haar standpunt, maar leverde geen nieuwe medische informatie of concrete gronden tegen de arbeidskundige beoordeling.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de eerdere oordelen en concludeerde dat het hoger beroep ongegrond is. Het besluit van het UWV blijft in stand en de Ziektewetuitkering wordt terecht beëindigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Ziektewetuitkering terecht is beëindigd wegens voldoende verdiencapaciteit.