ECLI:NL:CRVB:2018:587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.C.W. Lange
- H.G. Rottier
- R.P.T. Elshoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste vaststelling loongerelateerde WGA-uitkering bij arbeidsongeschiktheid 35-80%
Appellant, werkzaam als kwaliteitscontroleur, viel in december 2012 uit vanwege psychische klachten. Het UWV stelde aanvankelijk vast dat appellant geen recht had op een WIA-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35%. Na bezwaar en beroep bij de rechtbank werd dit besluit vernietigd en werd het UWV opgedragen een nieuwe beslissing te nemen.
Op basis van een aangepast Functionele Mogelijkhedenlijst (FML), waarin beperkingen in persoonlijk en sociaal functioneren waren verwerkt, stelde het UWV een loongerelateerde WGA-uitkering vast met een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 80%. Appellant stelde in hoger beroep dat de FML onvoldoende rekening hield met zijn pleinvrees en sociale beperkingen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellant geen nieuwe medische stukken had overgelegd die de noodzaak tot uitbreiding van beperkingen in de FML onderbouwden. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het UWV een deugdelijke medische grondslag had en bevestigde de loongerelateerde WGA-uitkering zoals vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden niet aan appellant opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de loongerelateerde WGA-uitkering wordt bevestigd.