ECLI:NL:CRVB:2018:899
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling invaliditeitspercentage militair met PTSS volgens PTSS Protocol
Betrokkene, een militair uitgezonden naar voormalig Joegoslavië, kreeg aanvankelijk een invaliditeitspensioen toegekend van 80% vanwege PTSS. Na herbeoordelingen in 2010 en 2012 werd het invaliditeitspercentage verlaagd tot 15%, later bij bezwaar verhoogd tot 18,33%. Betrokkene stelde dat het oorspronkelijke percentage van 80% gehandhaafd moest blijven op grond van overgangsrecht.
De rechtbank stelde het invaliditeitspercentage vast op 35,4% en vernietigde het besluit van de staatssecretaris. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het overgangsrecht niet van toepassing is omdat niet aan de voorwaarden is voldaan. De Raad volgt de staatssecretaris dat het invaliditeitspercentage moet worden vastgesteld volgens het PTSS Protocol, wat een aanzienlijke verlaging kan betekenen.
De Raad wijst het hogere invaliditeitspercentage van betrokkene af, omdat het rapport van Mulder niet voldoet aan de richtlijnen van het PTSS Protocol en niet de peildatum hanteert. De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep van betrokkene ongegrond en bevestigt het invaliditeitspercentage van 18,33%.
Uitkomst: Het invaliditeitspercentage wordt vastgesteld op 18,33%, het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard.