ECLI:NL:CRVB:2019:1117
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstandsaanvraag wegens onvoldoende onderzoek wijziging omstandigheden
Appellant, voormalig eigenaar van een autobedrijf, vroeg na beëindiging van zijn bedrijf bijstand aan op grond van de Participatiewet. Na een eerste afwijzing in juni 2016 diende hij in augustus 2016 een nieuwe aanvraag in die eveneens werd afgewezen met toepassing van artikel 4:6 Awb Pro, omdat geen wijziging van omstandigheden werd vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt anders. De Raad stelt dat het college niet heeft onderzocht of de omstandigheden van appellant daadwerkelijk ongewijzigd waren, terwijl appellant in hoger beroep stukken heeft overgelegd die mogelijk een wijziging aantonen.
Hierdoor is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en ontbreekt een deugdelijke motivering. De Raad vernietigt het besluit en draagt het college op een nieuwe beslissing te nemen, waarbij het onderzoek naar gewijzigde omstandigheden moet worden uitgevoerd. Tevens wordt het college veroordeeld in de proceskosten en wordt bepaald dat tegen de nieuwe beslissing alleen beroep bij de Raad kan worden ingesteld.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt vernietigd en het college moet een nieuwe beslissing nemen met nader onderzoek.