ECLI:NL:CRVB:2019:1194
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.S. van der Kolk
- E. Dijt
- R.B. Kleiss
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing beroep op toezegging Uwv over fietsregeling en WAO-korting
Appellant ontvangt sinds 2002 een WAO-uitkering en heeft daarnaast inkomsten uit arbeid die op grond van artikel 44 WAO Pro worden gekort op zijn uitkering. Het Uwv heeft de verrekening van inkomsten aangepast en een voorschotregeling ingevoerd. Na definitieve vaststelling bleek appellant een te hoog voorschot te hebben ontvangen, wat leidde tot een terugvordering.
Appellant maakte bezwaar tegen deze terugvordering en stelde dat het Uwv telefonisch had toegezegd dat de uitbetaling van snipperdagen in december 2015, bedoeld om een fiets bij de werkgever te kopen, niet zou leiden tot korting op zijn uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat geen sprake was van een ondubbelzinnige toezegging.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. Uit het belscript van het telefoongesprek blijkt geen toezegging die het beroep op het vertrouwensbeginsel kan dragen. Appellant heeft zijn stelling niet onderbouwd. De Raad bevestigt de aangevallen uitspraak en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de eerdere uitspraak wordt bevestigd.