Uitspraak
17.7694 ZW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
€ 170,- vergoedt.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was werkzaam als postsorteerder en meldde zich ziek met fysieke en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde het ziekengeld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarbij zij het medische en arbeidskundige oordeel van het UWV onderschreef.
In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn beperkingen, waaronder PTSS en hersenletsel, waren onderschat en dat hij de geselecteerde functies niet kon verrichten vanwege opleidingseisen en rekenvaardigheid. De Raad liet nieuwe medische stukken buiten beschouwing wegens procesorde en bevestigde het oordeel van de verzekeringsarts dat geen sprake was van PTSS of objectief vastgesteld hersenletsel.
De arbeidsdeskundige rapporten gaven voldoende onderbouwing dat appellant de functies kon verrichten, ook op het aspect contact met patiënten en rekenvaardigheid. Wel was de motivering van het arbeidskundig oordeel in het bestreden besluit ondeugdelijk, maar dit leidde niet tot benadeling. De Raad bevestigde het bestreden besluit en veroordeelde het UWV tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt afgewezen en het bestreden besluit van het UWV blijft in stand.