Uitspraak
19.1479 AW-W2
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- neemt het verzoek om wraking van de wrakingskamer niet in behandeling;
- bepaalt dat een volgend verzoek om wraking in dit hoger beroep niet in behandeling wordt genomen.
Centrale Raad van Beroep
In deze zaak hebben de erven en/of rechtverkrijgenden van de verzoekers een wrakingsverzoek ingediend tegen de wrakingskamer die eerder een wrakingsverzoek niet in behandeling had genomen. Dit verzoek volgde op een hoger beroep van wijlen betrokkene tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg in een geschil met de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van artikel 8:15 Awb Pro een rechter kan worden gewraakt indien feiten en omstandigheden de onpartijdigheid kunnen schaden. De wrakingskamer kan op grond van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 een wrakingsverzoek zonder zitting niet in behandeling nemen indien het verzoek na openbaarmaking van de einduitspraak is gedaan.
De Raad stelde vast dat het wrakingsverzoek van 24 oktober 2019 niet in behandeling werd genomen en dat het nieuwe verzoek van 13 november 2019 eveneens niet in behandeling kon worden genomen omdat dit een volgend verzoek betrof en sprake was van misbruik van het wrakingsmiddel. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
De Raad wees het wrakingsverzoek af en bepaalde dat een volgend verzoek om wraking niet in behandeling wordt genomen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om wraking van de wrakingskamer wordt niet in behandeling genomen en een volgend verzoek wordt wegens misbruik niet in behandeling genomen.