ECLI:NL:CRVB:2019:3981
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen ondanks psychische en gehoorproblemen
Appellant ontvangt sinds 2008 een Wajong-uitkering vanwege psychische problematiek en gehoorproblemen. Met de invoering van de Wajong 2015 heeft het UWV vastgesteld dat appellant arbeidsvermogen heeft, waardoor de uitkering per 1 januari 2018 wordt verlaagd van 75% naar 70% van het minimumloon.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het UWV zorgvuldig onderzoek heeft gedaan en dat appellant beschikt over voldoende werknemersvaardigheden en belastbaarheid. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn medische toestand niet is verbeterd en dat hij onvoldoende mogelijkheden heeft om tegenbewijs te leveren, waardoor het beginsel van equality of arms zou zijn geschonden.
De Raad oordeelt dat het onderzoek zorgvuldig was, appellant voldoende gelegenheid heeft gehad om medische stukken in te dienen en dat de medische beperkingen zijn meegewogen. De Raad volgt de rechtbank in het oordeel dat appellant over arbeidsvermogen beschikt en dat er geen aanleiding is een deskundige te raadplegen. Het hoger beroep wordt verworpen en de verlaging van de uitkering bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de Wajong-uitkering van 75% naar 70% van het minimumloon wordt bevestigd omdat appellant beschikt over arbeidsvermogen.