ECLI:NL:CRVB:2019:719
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit zorgkantoor over persoonsgebonden budget bij hogere zorgzwaarte
Betrokkene, met ernstig niet aangeboren hersenletsel, had voor 2014 een zorgzwaartepakket ZZP 4LG en ontving een pgb inclusief budgetgarantie. Na wijziging naar ZZP 6LG in december 2014 verleende het zorgkantoor een pgb dat gelijk bleef aan het bedrag voor de lichtere zorg, waardoor de zwaardere zorg ten koste ging van de budgetgarantie.
De rechtbank vernietigde dit besluit en kende een hoger pgb toe, stellende dat artikel 2.6.6a van de Regeling subsidies AWBZ (Rsa) niet voorziet in een verlaging van de budgetgarantie bij een hogere indicatie. Het zorgkantoor ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad oordeelt dat het zorgkantoor de budgetgarantie niet mag verlagen bij een hogere zorgzwaarte, omdat dit indruist tegen de ratio van het artikel en de rechtszekerheid schaadt. Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Daarnaast wordt het zorgkantoor veroordeeld in de proceskosten van betrokkene en wordt griffierecht geheven.
Uitkomst: Het hoger beroep van het zorgkantoor wordt verworpen en de vernietiging van het besluit bevestigd.