ECLI:NL:CRVB:2020:1753
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant was werkzaam als medewerker onderhoud schepen en meldde zich ziek na een bedrijfsongeval. Het Uwv verleende aanvankelijk ziekengeld, maar stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek vast dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen en beëindigde de uitkering.
Appellant maakte bezwaar en ging in beroep tegen dit besluit, stellende dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was, met name ten aanzien van zijn psychische klachten. De rechtbank oordeelde echter dat het onderzoek zorgvuldig was en verklaarde het beroep gegrond, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. Appellant had aangekondigd medische stukken te overleggen ter onderbouwing, maar deed dit niet. De Raad vond het medisch onderzoek zorgvuldig en voldoende gemotiveerd en zag geen aanleiding tot twijfel aan de vastgestelde belastbaarheid. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het Uwv de Ziektewetuitkering terecht heeft beëindigd na zorgvuldig onderzoek.