ECLI:NL:CRVB:2020:1903
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na zorgvuldige medische beoordeling bevestigd
Appellant, voormalig machine operator, meldde zich ziek met long- en later buikklachten. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek vast dat appellant meer dan 65% van zijn maatmaninkomen kon verdienen, waarna de Ziektewetuitkering werd beëindigd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn medische beperkingen, met name door chronische appendicitis, onvoldoende waren meegewogen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de belastbaarheid van appellant overtuigend was gemotiveerd, mede gelet op aanvullende medische rapporten.
De Raad volgde het oordeel van de rechtbank dat de functies waarop de beoordeling was gebaseerd medisch geschikt waren voor appellant. Het hoger beroep werd verworpen en de beëindiging van de uitkering bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Ziektewetuitkering van appellant terecht is beëindigd.