ECLI:NL:CRVB:2020:1941
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens niet-ontvankelijkheid bezwaar
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek ingediend tot herziening van een uitspraak van 20 maart 2019, waarin zijn bezwaar tegen een beslissing van het UWV niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening van de bezwaargronden.
De Raad stelt dat het verzoek om herziening geen gronden bevat zoals bedoeld in artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Dit artikel stelt strikte voorwaarden aan herziening, waaronder dat nieuwe feiten of omstandigheden vóór de uitspraak moeten zijn ontstaan en redelijkerwijs niet bekend konden zijn bij de indiener.
Verzoeker wilde met zijn verzoek een nieuwe beoordeling van zijn arbeidsongeschiktheid, maar de Raad benadrukt dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor het heropenen van de inhoudelijke discussie over de zaak of het opnieuw beoordelen van arbeidsongeschiktheid.
Daarom wijst de Raad het verzoek af. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De beslissing is genomen door de enkelvoudige kamer en uitgesproken in het openbaar.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt afgewezen omdat het niet voldoet aan de wettelijke criteria en geen nieuwe arbeidsongeschiktheidsbeoordeling kan beogen.