Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2020:2626

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
28 oktober 2020
Publicatiedatum
28 oktober 2020
Zaaknummer
17/5186 WIA-R
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake griffierechtvergoeding in WIA-zaak

De Centrale Raad van Beroep heeft op 28 oktober 2020 een rectificatie uitgesproken van haar eerdere uitspraak van 15 juli 2020 in een WIA-zaak. Het UWV had de Raad gewezen op een kennelijke fout in de vaststelling van het door appellant betaalde griffierecht in zowel beroep als hoger beroep. De Raad heeft partijen de gelegenheid gegeven zich schriftelijk uit te laten over de rectificatie, waarop appellant geen bezwaar maakte en het UWV niet binnen de gestelde termijn reageerde.

De fout betrof de hoogte van het griffierecht: appellant had in beroep € 46,- en in hoger beroep € 124,- betaald, in totaal € 170,-. De rectificatie houdt in dat het dictum van de oorspronkelijke uitspraak wordt gewijzigd en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht.

Daarnaast vernietigt de Raad het bestreden besluit van 5 december 2016 en herroept het besluit van 16 augustus 2016. Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan appellant ter hoogte van € 2.155,20. De uitspraak is gedaan door rechter D. Hardonk-Prins en griffier M.D.F. de Moor en uitgesproken in het openbaar.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep rectificeert de uitspraak en veroordeelt het UWV tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten aan appellant.

Uitspraak

17/5186 WIA-R
Datum uitspraak: 28 oktober 2020
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 15 juli 2020, 17/5186 WIA
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
PROCESVERLOOP
Het Uwv heeft de Raad erop gewezen dat de uitspraak van de Raad van 15 juli 2020 een kennelijke fout bevat. Het betreft het vastgestelde bedrag aan appellant te vergoeden griffierecht in beroep en hoger beroep.
De Raad heeft daarom aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over een rectificatie van de uitspraak. Dit is bij de brieven van 14 september 2020 aan partijen meegedeeld.
Appellant heeft hierop schriftelijk te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen de rectificatie. Het Uwv heeft niet gereageerd binnen de in de brief van 14 september 2020 gestelde termijn van vier weken, in verband waarmee de Raad, naar in die brief is vermeld, ervan uitgaat dat er ook bij het Uwv geen bezwaar bestaat tegen de voorgenomen rectificatie.

OVERWEGINGEN

Het Uwv heeft terecht gewezen op een kennelijke misslag wat betreft de vaststelling van de hoogte van het door appellant betaalde griffierecht in beroep en hoger beroep. Het door appellant betaalde griffierecht in beroep bedroeg € 46,- en in hoger beroep € 124,-, in totaal
€ 170,-.
Het dictum van de uitspraak van 15 juli 2020 met registratienummer 17/5186 WIA wordt gewijzigd en gaat luiden:

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep
  • vernietigt de aangevallen uitspraak;
  • vernietigt het bestreden besluit van 5 december 2016;
  • herroept het besluit van 16 augustus 2016;
  • veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep tot een bedrag van in totaal € 2.155,20;
  • bepaalt dat het Uwv het door appellant betaalde griffierecht in beroep en hoger beroep ten bedrage van € 170,- in totaal aan hem vergoedt.
Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 15 juli 2020 als in de overwegingen weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in tegenwoordigheid van M.D.F. de Moor als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 28 oktober 2020.
(getekend) D. Hardonk-Prins
(getekend) M.D.F. de Moor