ECLI:NL:CRVB:2020:3063
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van eerdere bestuursrechtelijke uitspraak over WIA
Verzoeker heeft een verzoek om herziening ingediend tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 13 september 2017, waarin zijn beroep tegen een beslissing van het UWV werd afgewezen. De Raad bevestigde eerder de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 8 maart 2017, waarin het bezwaar van verzoeker niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening.
In het verzoekschrift stelt verzoeker dat hij het niet eens is met de eerdere uitspraak en verzoekt hij om hernieuwde bestudering en een nieuwe beslissing. Echter, hij heeft geen nieuwe feiten of omstandigheden aangevoerd zoals vereist op grond van artikel 8:119, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat het middel van herziening niet kan worden gebruikt om een hernieuwde discussie over reeds vastgestelde feiten en beslissingen te voeren. Gezien het ontbreken van nieuwe relevante feiten wijst de Raad het verzoek om herziening af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Verzoek om herziening wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.