ECLI:NL:CRVB:2015:1615
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening beslissing terugvordering Bbz-uitkering
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek tot herziening ingediend tegen de uitspraak van 11 december 2012, waarin haar bezwaar tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer werd afgewezen. Het bestreden besluit hield onder meer in dat verzoekster een periodieke uitkering levensonderhoud en een bedrijfskrediet moest terugbetalen op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004).
De Raad overwoog dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening alleen kan worden toegewezen indien sprake is van feiten of omstandigheden die voor de uitspraak niet bekend waren, redelijkerwijs niet bekend konden zijn en die, indien wel bekend, tot een andere uitspraak zouden hebben geleid. Verzoekster bracht echter geen nieuwe feiten of omstandigheden aan. Haar verzoek kwam neer op het betwisten van de juistheid van de eerdere uitspraak en de interpretatie van begrippen als netto-inkomen en jaarnorm.
De Raad benadrukte dat herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de inhoud van de uitspraak, maar slechts om onjuist gebleken feitelijke uitgangspunten te herstellen. Het verzoek werd daarom afgewezen. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.