ECLI:NL:CRVB:2020:3451
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en veroordeling in proceskosten
Appellante, Stichting [A], had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Het UWV nam op 12 juni 2020 een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellante. Naar aanleiding hiervan trok appellante het hoger beroep in bij brief van 6 augustus 2020 en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het hoger beroep ingetrokken kon worden op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat het bestuursorgaan geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen. Het onderzoek ter zitting werd achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.
De Raad veroordeelde het UWV in de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken, begroot op € 525,- voor verleende rechtsbijstand en € 1.098,10 voor medische informatie van een verzekeringsarts. De vergoeding van het betaalde griffierecht moest appellante rechtstreeks bij het UWV claimen.
De uitspraak werd op 29 december 2020 openbaar gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken en het UWV is veroordeeld in de proceskosten van appellante tot € 1.623,10.