ECLI:NL:CRVB:2020:566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aandeel college in verstoorde arbeidsverhouding en ontslagvergoeding ambtenaar
Betrokkene was directeur bij een basisschool en werd na meerdere functioneringsgesprekken en een visitatierapport in maart 2017 abrupt ontheven uit haar functie. Het college stelde dat het aandeel in de verstoorde arbeidsverhouding niet meer dan 50% bedroeg, terwijl betrokkene een integrale proceskostenvergoeding vorderde.
De rechtbank stelde het aandeel van het college op 80% en kende op die basis een ontslagvergoeding toe van €7.027,73, alsmede een vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het college stelde incidenteel hoger beroep in, dat niet slaagde. De Raad oordeelde dat het college onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat haar aandeel lager was.
Betrokkene verzocht om een integrale proceskostenvergoeding, maar de Raad oordeelde dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig waren die een volledige vergoeding rechtvaardigen. De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde het college tot betaling van proceskosten van €1.024,- aan betrokkene.
Uitkomst: Het college is voor 80% verantwoordelijk voor de verstoorde verhouding en moet een ontslagvergoeding betalen; het hoger beroep van beide partijen wordt afgewezen.