ECLI:NL:CRVB:2021:1009
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens onvoldoende procesbelang bij vrijwilligersvergoeding
Appellanten ontvingen bijstand van het college van burgemeester en wethouders van Sittard-Geleen en verrichtten vrijwilligerswerk waarvoor zij een vergoeding ontvingen. Het college verleende toestemming onder voorwaarden, waaronder het tijdig aanleveren van financiële gegevens over de vrijwilligersvergoeding.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat de verplichtingen een nadere specificering van de inlichtingenplicht vormden en er geen sprake was van een sanctie. In hoger beroep voerden appellanten aan dat de opgelegde verplichtingen als sanctie moesten worden gezien en dat het college onrechtmatig handelde door telkens een schriftelijke machtiging te vragen.
De Raad oordeelde dat appellanten onvoldoende procesbelang hadden omdat zij steeds tijdig de gevraagde gegevens hadden verstrekt en de verplichtingen geen financiële gevolgen hadden. Het betoog was louter principieel en gaf geen aanleiding tot ontvankelijkheid. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens onvoldoende procesbelang.