Uitspraak
19.1452 AKW
OVERWEGINGEN
wiensrecht tot gesplitste uitbetaling komt. Beide co-ouders hebben in beginsel recht op kinderbijslag. Het is wettelijk vastgelegd dat de SVB
op aanvraagvaststelt of een recht op kinderbijslag bestaat (artikel 14, lid 1 AKW). De SVB betaalt daarom het recht van de
aanvragerAKW o.g.v. artikel 10, lid 1 BUK gesplitst uit. Omdat het recht op kinderbijslag gesplitst is uitbetaald, wordt aan ieder van de co-ouders evenveel kinderbijslag uitbetaald. Zolang de andere co-ouder geen aanvraag AKW indient, is er geen geschil.
1 februari 2020 en vanaf 1 augustus 2020. Daarbij heeft de familierechter er uitdrukkelijk rekening mee gehouden dat appellante vanaf 2 december 2019 in aanmerking komt voor kindgebonden budget voor [naam kind 2] , [naam kind 3] en [naam kind 4] , vanaf 1 februari 2020 voor [naam kind 2] en [naam kind 4] en vanaf 1 augustus 2020 alleen nog voor [naam kind 4] . Verder heeft de familierechter bepaald dat de hoofdverblijfplaats van [naam kind 3] vanaf 10 februari 2020 bij de derde-partij is en is er rekening mee gehouden dat de derde-partij vanaf 1 februari 2020 in aanmerking komt voor kindgebonden budget voor [naam kind 3] .