ECLI:NL:CRVB:2021:1345
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens niet-duurzaam ontbreken arbeidsvermogen
Appellante vroeg een Wajong-uitkering aan wegens lichamelijke en psychische klachten en werd door het UWV afgewezen omdat haar arbeidsvermogen niet duurzaam ontbrak. De rechtbank stelde aanvankelijk dat het UWV onvoldoende had onderbouwd waarom het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam was, maar gaf het UWV de kans om dit te herstellen met aanvullende rapporten.
Het UWV legde nieuwe rapporten voor van een verzekeringsarts bezwaar en beroep die motiveerde dat verbetering van arbeidsvermogen mogelijk is dankzij behandelmogelijkheden en de kans op herstel van psychische stoornissen. Ook werd het vermoeden van MS niet als voldoende grond gezien om het oordeel te wijzigen. De rechtbank vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat het UWV voldoende had onderbouwd waarom het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is. Het beroep op het Korošec-arrest om een onafhankelijke deskundige te benoemen werd verworpen. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de Wajong-uitkering omdat het ontbreken van arbeidsvermogen niet duurzaam is.