ECLI:NL:CRVB:2021:1348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek terugkomen besluit beëindiging ziekengeld per 20 april 2015
Betrokkene was werkzaam als productiemedewerkster en meldde zich op 30 december 2014 ziek met rug- en psychische klachten. Het UWV stelde bij besluit van 16 april 2015 vast dat zij per 20 april 2015 geen recht meer had op ziekengeld, gebaseerd op een rapport van een verzekeringsarts. Dit besluit werd in bezwaar en beroep bevestigd, en staat in rechte vast.
In 2018 verzocht betrokkene om terug te komen op dit besluit, onder verwijzing naar een diagnose baarmoederkanker uit oktober 2016 die volgens haar ook op 20 april 2015 zou hebben gegolden. Het UWV wees dit verzoek af omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die tot herziening zouden leiden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de diagnose uit 2016 niet terug te voeren is op de situatie in 2015.
In hoger beroep herhaalden appellanten dat er wel nieuwe medische informatie was die aanleiding gaf tot herziening. De Centrale Raad van Beroep oordeelde echter dat deze informatie geen nieuw inzicht gaf dat het eerdere besluit onjuist maakt. De Raad bevestigde dat het verzoek terecht is afgewezen en dat het besluit niet evident onredelijk is. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen op het besluit dat betrokkene per 20 april 2015 geen recht meer had op ziekengeld, wordt bevestigd afgewezen.