Uitspraak
18.401 WIA
OVERWEGINGEN
.Aan de hand van wat appellant kan verdienen met (binnen dezelfde SBC-codes) nieuw geselecteerde functies heeft de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep de mate van arbeidsongeschiktheid berekend op 16,9%.
Centrale Raad van Beroep
Appellant is wegens rugklachten gedeeltelijk arbeidsongeschikt verklaard, maar het UWV heeft een WIA-uitkering geweigerd omdat de mate van arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedraagt. De medische en arbeidskundige rapporten van het UWV zijn inhoudelijk overtuigend en motiveren dat er geen sprake is van een depressie op de datum in geding en dat er geen arbeidsduurbeperking noodzakelijk is.
Appellant betwist dit en voert aan dat er wel psychische klachten en een arbeidsduurbeperking bestaan, en dat de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) onvolledig is. Hij overlegt meerdere medische rapporten en stelt dat de geselecteerde functies zijn belastbaarheid overschrijden.
De Raad volgt het UWV en de rechtbank in hun oordeel dat de medische beoordeling zorgvuldig is verricht, de beperkingen adequaat zijn vastgesteld en de geselecteerde functies passend zijn. De stellingen van appellant over een hoog handelingstempo en onvoldoende afwisseling in werkhoudingen worden niet gevolgd. Het hoger beroep wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de WIA-uitkering bevestigd.