ECLI:NL:CRVB:2021:1683
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening AOW-uitspraak wegens ontbreken nieuwe feiten
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 13 november 2020, waarin haar bezwaar tegen een eerdere beslissing was afgewezen. Zij wenste een uitkering op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) in plaats van de toegekende Algemene nabestaandenwet (Anw)-uitkering, vanwege haar slechte financiële situatie en de wens haar familie te onderhouden.
De Raad behandelde het verzoek om herziening op 28 mei 2021, waarbij partijen niet verschenen. Volgens artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan een onherroepelijke uitspraak alleen worden herzien indien er nieuwe feiten of omstandigheden zijn die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere beslissing zouden kunnen leiden.
De Raad oordeelde dat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die aan deze voorwaarden voldoen. Tevens is bevestigd dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de juistheid van de uitspraak. Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de AOW-uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.