ECLI:NL:CRVB:2021:2336
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij aanmelding wanbetaler Zvw
Appellante is door haar zorgverzekeraar aangemeld als wanbetaler bij het CAK, waarna het CAK een bestuursrechtelijke premie oplegde die op haar uitkering zou worden ingehouden. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het CAK verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat bezwaar tegen de aanmelding als wanbetaler en de premie niet mogelijk is volgens de Awb.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, aangezien het oorspronkelijke besluit was achterhaald door een nieuw besluit dat de inhouding stopzette. Appellante handhaafde haar beroep uit protest en aandacht voor kwetsbare personen, maar de rechtbank oordeelde niet bevoegd te zijn over een nieuw besluit dat niet in de procedure was betrokken.
In hoger beroep stelt appellante dat zij ten onrechte als wanbetaler is aangemerkt en dat zij zich niet kan verdedigen voordat zij wordt aangemeld. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat er geen procesbelang is en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen wegens ontbreken van procesbelang en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.