ECLI:NL:CRVB:2021:2421
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inspanningsverplichting college bij wijzen op vacatures ambtenaar
Appellant was tijdelijk aangesteld als [naam functie 1] en werd afgewezen voor een vervolgfunctie waarvoor hij solliciteerde. De rechtbank had het bezwaar gegrond verklaard vanwege een onjuiste sollicitatieprocedure en het college opgedragen een nieuwe beslissing te nemen. Het college stelde een inspanningsverplichting in om appellant gedurende zes maanden te wijzen op vacatures voor de functie.
Appellant stelde dat deze termijn te kort was en dat ook de stageperiode en de mogelijkheid van een vaste aanstelling in aanmerking genomen hadden moeten worden. Tevens betwistte hij dat er geen vacatures waren en dat hij ook op een nieuwe functie had moeten worden gewezen. De Raad oordeelde dat het college in redelijkheid de termijn van zes maanden mocht hanteren, dat er geen vacatures waren en dat de nieuwe functie niet gelijkwaardig was.
Verder stelde appellant dat het college de gespreksgarantie en het assessment niet in het besluit had opgenomen, maar de Raad vond dat appellant hierdoor niet in zijn belangen was geschaad. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.