ECLI:NL:CRVB:2021:2637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toepasselijkheid Nederlandse socialezekerheidswetgeving voor Rijnvarende in Luxemburgse loondienst
Appellant, woonachtig in Nederland, werkte van juni 2010 tot september 2012 als Rijnvarende in loondienst van een Luxemburgs bedrijf op diverse schepen in meerdere lidstaten. Hij verzocht om vaststelling dat de Luxemburgse socialezekeringswetgeving van toepassing was, maar de Sociale Verzekeringsbank (Svb) stelde op basis van beschikbare gegevens vast dat de Nederlandse wetgeving van toepassing was en legde dit vast in een A1-verklaring.
De Svb verklaarde bezwaar tegen dit besluit aanvankelijk ongegrond, maar trok dit later in en stelde voorlopig opnieuw de Nederlandse wetgeving vast. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze vaststelling ongegrond. Appellant voerde hoger beroep aan met onder meer het argument dat de Luxemburgse wetgeving op grond van de Basisverordening en Toepassingsverordening van toepassing zou moeten zijn, en dat de Svb niet correct had gehandeld.
De Raad overwoog dat de Rijnvarendenovereenkomst van toepassing is en dat de Svb gebonden is aan de uniforme conflictregels. De Raad verwierp het standpunt van appellant dat de Svb op eigen initiatief afwijkingen moest overwegen zonder verzoek. Daarnaast oordeelde de Raad dat de Svb terecht mocht aannemen dat de eigenaar van het schip ook de exploitant is, tenzij het tegendeel wordt bewezen. De procedurevoorschriften van de Toepassingsverordening zijn niet van toepassing bij Rijnvarenden volgens de Hoge Raad en eerdere uitspraken van de Raad.
De Raad bevestigde dat de Nederlandse socialezekerheidswetgeving terecht van toepassing is verklaard over de periode in geschil. Er is geen aanleiding om prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie te stellen. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de Nederlandse socialezekerheidswetgeving van toepassing is op appellant.