ECLI:NL:CRVB:2021:2783
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verstrekking maatwerkvoorzieningen Wmo en afwijzing schadevergoeding
Appellant, bekend met PTSS en diverse lichamelijke klachten, diende op 9 februari 2018 een aanvraag in voor maatwerkvoorzieningen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Het college van burgemeester en wethouders van Veere verstrekte hem een persoonsgebonden budget (pgb) voor persoonlijke verzorging, begeleiding en hulp bij het huishouden, aanvankelijk voor een bedrag van €77.880,57 en later verhoogd tot €93.465,69.
Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar het college verklaarde deze bezwaren ongegrond. De rechtbank Zeeland-West-Brabant verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat de verstrekte maatwerkvoorzieningen niet passend zouden zijn en dat hij recht had op een vergoeding van schade.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het college met het pgb een passende bijdrage heeft geleverd aan de zelfredzaamheid, participatie en het kunnen handhaven van appellant in de samenleving. Het college hield rekening met het wankele evenwicht waarin appellant verkeert en koos ervoor om maatwerkvoorzieningen te verstrekken in plaats van beschermd wonen, ondanks dat dat laatste mogelijk lagere kosten zou veroorzaken.
Het beroep van appellant faalt, de aangevallen uitspraak wordt bevestigd en het verzoek om vergoeding van schade wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het verzoek om vergoeding van schade wordt geweigerd.