ECLI:NL:CRVB:2021:2886
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, voormalig vrachtwagenchauffeur, vroeg een WIA-uitkering aan na uitval wegens rugklachten. Het UWV weigerde de uitkering omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 35% was vastgesteld op basis van een functionele mogelijkhedenlijst en arbeidsdeskundige rapporten.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de geselecteerde functies de mogelijkheden van appellant niet overschreden. Appellant stelde in hoger beroep dat het onderzoek onvoldoende was, dat zijn beperkingen werden onderschat en verzocht om een onafhankelijke deskundige.
De Centrale Raad van Beroep toetste het medisch onderzoek aan het arrest Korošec en concludeerde dat het onderzoek zorgvuldig was, dat alle relevante medische informatie was betrokken en dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan het medisch oordeel. Het verzoek om een deskundige werd afgewezen.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek tot schadevergoeding af. Er was geen reden om het UWV te veroordelen in proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de WIA-uitkering bevestigd.