Appellant heeft op 30 augustus 2018 bijstand aangevraagd, welke door het college werd afgewezen wegens onvoldoende informatie. Na meerdere nieuwe aanvragen en besluiten verleende het college bijstand pas met ingang van 15 mei 2019. Appellant voerde aan dat bijstand met terugwerkende kracht vanaf de eerste aanvraag moest worden verleend.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de besluiten van het college ongegrond. In hoger beroep stelde het college zich op het standpunt dat achteraf geen grondslag bestond voor de afwijzing van de eerste aanvraag en dat bijstand per die datum moet worden verleend.
De Raad vernietigt de eerdere uitspraken en besluiten, herroept de afwijzingen en bepaalt dat bijstand aan appellant wordt verleend vanaf 30 augustus 2018. Tevens veroordeelt de Raad het college in de proceskosten van appellant en bepaalt dat het betaalde griffierecht wordt vergoed.