ECLI:NL:CRVB:2021:391
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geschiktheid functies soldering operator en monteur voor zwangere appellante in Ziektewetzaak
Appellante, laatstelijk apothekersassistente, meldde zich ziek met zwangerschapsklachten en ontving ziekengeld op grond van de Ziektewet. Het UWV stelde na medisch en arbeidskundig onderzoek dat zij niet arbeidsongeschikt was voor bepaalde functies, waaronder soldering operator en monteur, en beëindigde haar ziekengeld.
Appellante voerde bezwaar aan tegen het besluit, stellende dat de functies ongeschikt zijn vanwege mogelijke blootstelling aan schadelijke soldeerdampen die risico's voor de foetus zouden opleveren. De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de functies passend waren, mede omdat de werkgever verplicht is werk aan te passen bij risico's voor zwangeren.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren met rapporten van een verzekeringsarts en toxicoloog. De Raad volgde echter het oordeel van de rechtbank en het UWV, stellende dat de blootstelling aan dampen minimaal is door goede afzuiging en dat wettelijke voorschriften werkgevers verplichten tot aanpassing van werk om risico's te voorkomen.
De Raad concludeerde dat de aangevallen uitspraak terecht was en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.