Uitspraak
19 1061 WIA
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant is sinds 2008 arbeidsongeschikt vanwege hoge bloeddruk en psychische klachten. Het UWV stelde in 2017 na een herbeoordeling de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 47,71%, waarbij een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) werd opgesteld. Appellant betwistte dit en vorderde een hogere mate van arbeidsongeschiktheid en een IVA-uitkering wegens volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de medische beperkingen overtuigend waren gemotiveerd. Appellant stelde in hoger beroep dat het proces oneerlijk was omdat geen onafhankelijke medisch deskundige werd benoemd en dat zijn psychische klachten werden onderschat. De Raad volgde dit niet, omdat appellant voldoende gelegenheid had gehad om medische stukken in te brengen en geen nieuwe medische gegevens had overgelegd.
De Raad bevestigde dat de FML van 28 september 2017 juist is en dat de vermindering van de urenbeperking medisch is gerechtvaardigd gezien de gezondheidsontwikkeling. Er was geen reden om een onafhankelijke deskundige in te schakelen. De Raad concludeerde dat appellant niet volledig arbeidsongeschikt is en dat het beroep ongegrond is. Het verzoek tot vergoeding van schade werd eveneens afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit bevestigd; het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.