Uitspraak
21.1180 AW
OVERWEGINGEN
€ 15.000,- voor niet gemaakte dienstreizen.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was sinds 1982 werkzaam bij de politie en vanaf 2011 gedetacheerd bij de Algemene Nederlandse Politievereniging (ANPV). Na een strafrechtelijk onderzoek naar vermoedelijke fraude bij declaraties en toelagen, stelde de korpschef een intern onderzoek in dat leidde tot een ontslagbesluit wegens ernstig plichtsverzuim.
De gedragingen betroffen het onrechtmatig ontvangen van een operationele toelage (ORT-toelage) via een privérekening zonder goedkeuring van de Algemene Vergadering en het declareren van niet gemaakte dienstreizen over een periode van meerdere jaren. Appellant erkende deze gedragingen, maar stelde dat deze waren overeengekomen binnen de ANPV.
De Raad oordeelde dat deze gedragingen plichtsverzuim vormen en dat appellant hiervoor verantwoordelijk is, ongeacht de cultuur binnen de ANPV. Gezien de ernst, duur en omvang van het plichtsverzuim was het ontslag niet onevenredig. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim bevestigd.