ECLI:NL:CRVB:2022:1647
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking hoger beroep Wajong-uitkering
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van het UWV van 27 maart 2020 inzake zijn Wajong-uitkering. Na eerdere vernietigingen en een nieuw besluit nam het UWV op 5 januari 2021 een nader besluit waarin de uitkering per 1 januari 2018 werd vastgesteld op 75% van de grondslag.
Appellant trok het hoger beroep in en verzocht om een proceskostenvergoeding omdat hij meende dat het UWV met het besluit van 5 januari 2021 geheel aan zijn bezwaren tegemoet was gekomen. De Raad oordeelde echter dat het besluit van 27 maart 2020 geen beslissing bevatte over het recht op uitkering per 1 januari 2018.
Daarom was het besluit van 5 januari 2021 geen uitvoering of tegemoetkoming van het besluit van 27 maart 2020. Gezien deze omstandigheden bestond geen grond voor een proceskostenveroordeling. De Raad wees het verzoek om proceskostenvergoeding af en sloot het onderzoek zonder zitting.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het bestreden besluit geen betrekking had op het recht op uitkering per 1 januari 2018.