Uitspraak
21 388 WIA
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
,-in beroep (2 punten) en € 1.518,- in hoger beroep (2 punten) voor verleende rechtsbijstand, in totaal € 3.577,-.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontvangt sinds 2014 een WIA-uitkering. In 2015 trof de politie in zijn woning een hennepkwekerij aan, waarna het Uwv de uitkering herzag en een boete oplegde wegens het niet melden van inkomsten uit deze kwekerij.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordeelde dat appellant als exploitant moest worden aangemerkt en dat de boete proportioneel was. Appellant voerde in hoger beroep aan geen kennis te hebben gehad van de kwekerij, een stelling die niet werd ondersteund door objectief bewijs.
De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank over exploitatie en terugvordering, maar acht de boete van €650,40 te hoog gezien de financiële situatie van appellant. Daarom wordt de boete verlaagd naar €40. Het beroep wordt deels gegrond verklaard en het Uwv wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Boete wegens schending inlichtingenverplichting verlaagd van €650,40 naar €40; overige besluiten bevestigd.