ECLI:NL:CRVB:2022:1774
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van de Griend
- J.T.H. Zimmerman
- K.H. Sanders
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek financiële compensatie AOW-gat na toepassing FLO-overgangsrecht
Appellant, werkzaam bij de gemeente Groningen en later gedetacheerd bij een ambulancezorgstichting, maakte gebruik van het FLO-overgangsrecht om per 1 januari 2013 vervroegd te stoppen met werken. Door de verhoging van de AOW-leeftijd ontstond een AOW-gat waarvoor appellant financiële compensatie verzocht.
De rechtbank wees het beroep af, stellende dat appellant zelf verantwoordelijk is voor de wijze waarop hij zijn pensioen regelt en dat hij geen bezwaar had gemaakt tegen het besluit tot toepassing van het FLO-overgangsrecht. Ook was er geen bewijs dat appellant onder druk had ingestemd of dat het college hem beter had moeten informeren.
In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel. Het vertrouwensbeginsel werd niet aangenomen omdat de brief van het college geen garantie op inkomen tot AOW-leeftijd bevatte. Bovendien had appellant de mogelijkheid om een beroep te doen op een cao-regeling voor schrijnende situaties, maar maakte hier geen gebruik van. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om financiële compensatie voor het AOW-gat wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.