ECLI:NL:CRVB:2022:1862
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- L.M. Tobé
- M. Wolfrat
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vergoeding kosten woningaanpassing voor buddyhond bij PTSS-erkende oud-politiemedewerker
Appellante, een oud-politiemedewerker bij wie PTSS als beroepsziekte is erkend, vroeg vergoeding van kosten voor het aanpassen van twee wenteltrappen in haar woning om een buddyhond te kunnen huisvesten. De korpschef wees dit verzoek af op grond van een vaste gedragslijn die alleen onderhouds- en medische kosten van de buddyhond vergoedt.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat geen sprake was van een bijzonder geval zoals bedoeld in artikel 53 van Pro het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). Appellante ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante wel tot de groep behoort die onder de vaste gedragslijn valt, waardoor sprake is van een bijzonder geval. Echter, de gevraagde vergoeding voor de woningaanpassing valt niet onder de kosten die de vaste gedragslijn vergoedt. De Raad vond dat de korpschef niet buiten redelijke beleidsruimte is getreden en bevestigde de afwijzing van de vergoeding. De overige beroepsgronden werden niet behandeld omdat bevestiging met verbetering van gronden volstond.
Uitkomst: De vergoeding van de kosten voor het aanpassen van twee trappen in de woning wordt afgewezen omdat deze niet onder de vaste gedragslijn vallen.