ECLI:NL:CRVB:2022:2560
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij intrekking bijstand
Appellant was in bezwaar gegaan tegen het opschortingsbesluit van het college van burgemeester en wethouders van Venlo inzake zijn bijstandsuitkering, welke was opgeschort per 1 juni 2021 wegens het niet aanleveren van gevraagde stukken. Het college had het bezwaar ongegrond verklaard en de voorzieningenrechter had dat besluit bevestigd.
In hoger beroep stelde appellant dat het zorgvuldigheidsbeginsel was geschonden. De Raad verzocht appellant meerdere malen om te verduidelijken of er een besluit tot intrekking van de bijstand was genomen en of daartegen rechtsmiddelen waren aangewend. Appellant reageerde niet.
De Raad concludeerde op grond van artikel 8:31 Awb Pro dat appellant geen procesbelang heeft omdat het besluit tot intrekking van de bijstand per 1 juni 2021 in rechte onaantastbaar is geworden. Hierdoor is het hoger beroep niet ontvankelijk verklaard.
De Raad heeft het onderzoek zonder zitting gesloten omdat appellant niet had aangegeven gebruik te willen maken van het recht op mondelinge behandeling. Er is geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.