ECLI:NL:CRVB:2022:2675
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek bevestigd
Appellant was sinds 2014 arbeidsongeschikt en ontving een WGA-uitkering. Na een herbeoordeling door een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige stelde het UWV vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was en beëindigde de uitkering per 8 december 2020.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en de beperkingen passend waren vastgesteld. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was omdat geen fysiek spreekuurcontact had plaatsgevonden en dat relevante medische informatie onvoldoende was betrokken.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig en navolgbaar is verricht door een geregistreerd verzekeringsarts met voldoende medische informatie. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft gemotiveerd afgeweken van eerdere belastbaarheidsinschattingen zonder noodzaak tot lichamelijk onderzoek. Ook is de selectie van functies passend en medisch verantwoord.
De Raad bevestigt daarom het besluit van het UWV tot beëindiging van de WIA-uitkering per 8 december 2020 en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor benoeming van een onafhankelijk deskundige of toekenning van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de WIA-uitkering per 8 december 2020 na een zorgvuldig medisch onderzoek.