Uitspraak
19 3705 WIA-R
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
19.3705 WIA-R
R.L. Rijnen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 10 februari 2022.
Centrale Raad van Beroep
In deze zaak verzocht appellante via haar gemachtigde om rectificatie van de uitspraak van 11 november 2021 vanwege een onjuist toegekend bedrag aan proceskosten. De Raad constateerde dat slechts één procespunt was vergoed, terwijl er twee proceshandelingen voor vergoeding in aanmerking kwamen: het indienen van het hoger beroepschrift en het bijwonen van de zitting op 18 december 2020.
De Raad heeft partijen de mogelijkheid geboden om binnen twee weken te reageren op het voornemen tot rectificatie, maar er werd geen bezwaar gemaakt. Daarom heeft de Raad de uitspraak aangepast en het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante, begroot op €1.496,- conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De beslissing is uitgesproken door rechter E.W. Akkerman in aanwezigheid van griffier R.L. Rijnen op 10 februari 2022. Hiermee is de eerdere uitspraak gecorrigeerd en is het UWV verplicht de kosten te vergoeden die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met het hoger beroep.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante tot een bedrag van €1.496,-.