ECLI:NL:CRVB:2022:862
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig indienen beroepschrift
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant. De aangevallen uitspraak werd op 14 oktober 2021 aan partijen toegezonden. De termijn voor het indienen van het beroepschrift bedroeg zes weken en ging in de dag na toezending van de uitspraak.
Het beroepschrift werd op 2 december 2021 ontvangen en was op 30 november 2021 ter post bezorgd, wat betekent dat het niet tijdig was ingediend. Appellant gaf aan het beroepschrift op 23 november 2021 te hebben verzonden en wilde dit aangetekend doen, maar door omstandigheden werd het per gewone post verstuurd. Tevens was appellant recent verhuisd, wat de tijdige indiening bemoeilijkte.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het beroepschrift eerder dan de poststempel was verzonden en dat er geen reden was om te concluderen dat appellant niet in verzuim was. Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere inhoudelijke behandeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.