ECLI:NL:CRVB:2023:2182
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na beoordeling medische en arbeidskundige geschiktheid
Appellant ontving een Ziektewetuitkering na ziekmelding met psychische klachten en werkte voorheen als verkoopmedewerker. Het UWV beëindigde de uitkering per 24 april 2020 op grond van een medische en arbeidskundige beoordeling die stelde dat appellant meer dan 65% van zijn loon kon verdienen in passende functies.
Appellant maakte bezwaar en voerde aan dat hij meer beperkingen had, waaronder een urenbeperking vanwege vermoeidheid en lichamelijke klachten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgelegd in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML). Ook de arbeidskundige onderbouwing was deugdelijk.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank en het UWV. De Raad oordeelde dat er geen medische basis was voor een urenbeperking en dat de geselecteerde functies medisch en arbeidskundig passend waren. Het hoger beroep werd verworpen en de beëindiging van de ZW-uitkering bleef in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV terecht de ZW-uitkering heeft beëindigd omdat appellant meer dan 65% van zijn loon kan verdienen.