ECLI:NL:CRVB:2023:2516
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onduidelijkheid over inkomen en vermogen
Appellant diende een aanvraag om bijstand in op grond van de Participatiewet, welke door het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden werd afgewezen vanwege onvoldoende openheid over de herkomst van bedragen die appellant op goksites had gestort. Tevens had appellant gegevens weggelakt op bankafschriften, waardoor de financiële situatie onduidelijk bleef.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond, en appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Appellant voerde aan dat het college voldoende informatie had en dat het gokken niet aan toekenning van bijstand in de weg stond. Ook stelde hij dat het college willekeur had betracht door later toch bijstand toe te kennen onder dezelfde omstandigheden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de onduidelijkheid over inkomen en vermogen het college belette het recht op bijstand vast te stellen. Het gokken zelf was niet het probleem, maar het gebrek aan transparantie over de financiële situatie. De vermeende willekeur werd verworpen omdat het college met de latere toekenning een vicieuze cirkel wilde doorbreken. Het hoger beroep werd afgewezen en de afwijzing van de bijstandsaanvraag bleef in stand.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd vanwege onduidelijkheid over inkomen en vermogen.