ECLI:NL:CRVB:2023:287
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en veroordeling in proceskosten
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV. Het UWV nam op 24 oktober 2022 een gewijzigde beslissing op bezwaar die volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Naar aanleiding hiervan trok appellant het hoger beroep in bij brief van 9 november 2022 en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat het onderzoek ter zitting achterwege kon blijven en dat het verzoek tot kostenveroordeling op grond van artikel 8:75a Awb en artikel 8:108 Awb Pro kon worden toegewezen. De proceskosten werden begroot op €3.705,- voor verleende rechtsbijstand en €10,60 aan reiskosten.
De Raad veroordeelde het UWV in de kosten van appellant tot een totaalbedrag van €3.715,60. Appellant kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen. De uitspraak werd gedaan door S.B. Smit-Colenbrander op 15 februari 2023.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld in de proceskosten van appellant na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming.