ECLI:NL:CRVB:2023:412
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking behandelend rechter niet-ontvankelijk verklaard
Verzoekster heeft herziening gevraagd van een eerdere uitspraak van de Raad uit 2010. Bij brief van 16 januari 2023 is haar meegedeeld dat de behandelend rechter het verzoek om herziening zou behandelen.
Op 26 januari 2023 diende verzoekster een wrakingsverzoek in tegen deze behandelend rechter, omdat deze voorzitter was van de kamer die de eerdere uitspraak deed en zij geen vertrouwen meer in hem had. Dit verzoek werd echter te laat ingediend, aangezien artikel 8:16, eerste lid, Awb vereist dat een wrakingsverzoek wordt ingediend zodra de feiten en omstandigheden bekend zijn.
Een verzoek tot uitstel van behandeling van het wrakingsverzoek werd afgewezen. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het wrakingsverzoek daarom niet-ontvankelijk is en wees het af zonder proceskostenveroordeling.
De beslissing werd op 28 februari 2023 in het openbaar uitgesproken door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.