ECLI:NL:CRVB:2024:1024
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen appellante
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering wegens psychische klachten en vermeende afwezigheid van basale werknemersvaardigheden. Het UWV heeft op basis van verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek geconcludeerd dat appellante wel over arbeidsvermogen beschikt, en de uitkering geweigerd. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd.
In hoger beroep betoogt appellante dat zij geen taak kan uitvoeren in een arbeidsorganisatie en dat haar werkzaamheden op de kinderboerderij dagbesteding zijn zonder gezagsverhouding. Zij stelt dat het UWV onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar haar knelpunten en verzoekt om benoeming van een deskundige.
De Raad overweegt dat appellante onvoldoende medische onderbouwing heeft geleverd en dat de rechtbank het standpunt van het UWV terecht heeft gevolgd. De werkzaamheden bij de kinderboerderij, hoewel dagbesteding, tonen dat appellante met begeleiding taken kan uitvoeren. De noodzaak van begeleiding sluit arbeidsvermogen niet uit. De Raad ziet geen reden voor nader onderzoek of deskundigenbenoeming en bevestigt het bestreden besluit dat appellante niet als jonggehandicapte kan worden aangemerkt en geen Wajong-uitkering krijgt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat appellante beschikt over arbeidsvermogen.