ECLI:NL:CRVB:2024:1564
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- W.F. Claessens
- W.A. Timmer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inkomenskorting bijstand voor marginaal zelfstandige zonder verrekening verwervingskosten
Appellante, die als marginaal zelfstandige bijstand ontvangt, heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom waarin haar inkomsten uit een eenmanszaak en een stichting zonder verrekening van verwervingskosten in mindering zijn gebracht op haar bijstand.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft het bezwaar deels gegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt het bestreden besluit voor zover het gaat om het niet verrekenen van verwervingskosten, de toepassing van de vrijlatingsregeling en de verplichting tot het voeren van een administratie voor de stichting.
De Raad oordeelt dat het inkomensbegrip uit de Participatiewet (PW) geldt en niet dat uit de Wet inkomstenbelasting 2001, waardoor verwervingskosten niet in mindering mogen worden gebracht. De vrijlatingsregeling is dwingendrechtelijk en biedt geen keuzevrijheid aan de betrokkene. Het college mag bovendien eisen dat appellante een administratie bijhoudt om het recht op bijstand te kunnen vaststellen.
Een verzoek om schadevergoeding wegens immateriële schade wordt afgewezen wegens gebrek aan onderbouwing. De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat verwervingskosten niet in mindering worden gebracht op bijstand en dat de vrijlatingsregeling dwingendrechtelijk is.