ECLI:NL:CRVB:2024:1716
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering wegens verdiencapaciteit boven 65% na knieoperatie
Appellante was ziekgemeld na een knieoperatie en ontving een Ziektewet-uitkering. Het UWV beëindigde deze uitkering omdat zij volgens een eerstejaars ZW-beoordeling meer dan 65% van haar laatstverdiende loon kan verdienen. De verzekeringsarts en arbeidsdeskundige stelden beperkingen vast, maar concludeerden dat appellante geschikt is voor bepaalde functies met een verdienvermogen van bijna 90%.
Appellante voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat haar beperkingen groter zijn dan aangenomen, mede vanwege een diagnose patellofemoraal pijnsyndroom en medicatiegebruik. Zij stelde ook dat de geselecteerde functies haar belastbaarheid overschrijden. De Raad verwierp deze bezwaren, onder meer omdat aanvullende stukken te laat waren ingediend en het UWV zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek had verricht.
De Raad bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het UWV terecht de uitkering beëindigde. De medische en arbeidskundige beoordeling was zorgvuldig en de beperkingen van appellante waren niet onderschat. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de beëindiging van de ZW-uitkering bleef in stand.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV terecht de ZW-uitkering heeft beëindigd omdat appellante meer dan 65% van haar loon kan verdienen.