ECLI:NL:CRVB:2024:1821
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van bestuursrechtelijke uitspraak Centrale Raad van Beroep
Verzoekster heeft bij de Centrale Raad van Beroep een verzoek ingediend tot herziening van de verzetsuitspraak van 28 februari 2024, waarin haar verzet tegen een eerdere uitspraak was afgewezen. De Raad heeft het verzoek inhoudelijk onderzocht en geoordeeld dat het herzieningsverzoek niet ontvankelijk is omdat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die voor de uitspraak van 28 februari 2024 niet bekend waren en ook niet redelijkerwijs bekend konden zijn.
De Raad benadrukt dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie over de zaak te voeren, maar om onherroepelijke uitspraken te herstellen die berusten op naderhand onjuist gebleken feiten. De cumulatieve voorwaarden van artikel 8:119, eerste lid, Awb zijn niet vervuld, waardoor het verzoek om herziening wordt afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door Y. Sneevliet in aanwezigheid van griffier A. Giesen en is uitgesproken in het openbaar op 19 september 2024.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden die herziening rechtvaardigen.