ECLI:NL:CRVB:2024:2418
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Vergoeding schade en proceskosten wegens overschrijding redelijke termijn in WIA-zaken
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen beslissingen van het UWV inzake WIA-uitkeringen. De hoger beroepen zijn ingetrokken nadat het UWV met nieuwe besluiten op bezwaar geheel tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellant. Appellant vorderde vergoeding van proceskosten en schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De Raad heeft vastgesteld dat de geclaimde kosten van een neuropsycholoog niet zijn onderbouwd en daarom niet worden vergoed. De kosten van een medisch adviseur worden deels vergoed conform het Besluit tarieven in strafzaken. Daarnaast worden redelijke kosten voor rechtsbijstand en reiskosten toegekend. De totale proceskostenvergoeding aan appellant bedraagt €12.406,99, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht.
De redelijke termijn voor de gehele procedure van bezwaar, beroep en hoger beroep is met een jaar en zeven maanden overschreden. De Raad veroordeelt het UWV tot een schadevergoeding van €100,- en de Staat tot €1.900,- voor immateriële schade. Tevens worden beide partijen voor de helft veroordeeld in de proceskosten verband houdend met de schadevergoeding.
De uitspraak is gedaan door de Centrale Raad van Beroep op 13 december 2024 en betreft een bestuursrechtelijke procedure binnen het socialezekerheidsrecht.
Uitkomst: Het UWV en de Staat worden veroordeeld tot betaling van schadevergoeding en proceskosten wegens overschrijding van de redelijke termijn; de hoger beroepen worden ingetrokken.